|
|
|
Dit perspericht in het Engels , het Frans . In PDF formaat . Foto's . Illustraties . Geografische informatie . >>> terug naar het persdossier .Vlaams-Congolees project wint fonds ter bescherming van regenwouden in Congo
Het Congo Basin Forest Fund is een initiatief van de Britse en Noorse overheden gericht op de bescherming van de unieke tropische regenwouden van Centraal-Afrika, en de biodiversiteit en ecosysteemdiensten die erin vervat liggen. Het fonds wordt voorgezeten door Wangari Maathai, Nobelprijswinnares voor de Vrede en milieuactiviste. Het CBFF richt zich op 10 landen van het Congobekken en is momenteel 's werelds grootste fonds voor de bescherming van regenwouden. Het Biochar Fund en ADAPEL stelden een innovatieve strategie voor die simultaan vier van de grootste problemen in de tropen en in de ontwikkelingswereld kan helpen oplossen: (1) lage gewasopbrengsten en honger onder de arme boerenbevolking, met name in Sub-Sahara Afrika, (2) ontbossing als gevolg van de zogenaamde 'slash-and-burn'-landbouw, (3) energie-armoede en een gebrek aan toegang tot schone, hernieuwbare energie, en (4) klimaatverandering. Het wetenschappelijk comité van het CBFF was onder de indruk van dit sterk geïntegreerde concept en stelt 300.000 euro ter beschikking voor de uitvoering ervan in 10 dorpen in de Evenaarsprovincie in de Democratische Republiek Congo. De synergetische strategie van ADAPEL en het Biochar Fund is gebaseerd op het vruchtbaar maken van de notoir onvruchtbare bodems die men terugvindt in het Congobekken. De partners benutten hiervoor 'biochar', een poreus, koolstofrijk product dat men verkrijgt door de pyrolyse van landbouwresiduën en biomassa-afval. Biochar lijkt op houtskool. Wanneer deze biochar wordt toegevoegd aan de arme bodems van de tropen (ferralsols, acrisols) dan ziet men een sterke stijging in de gewasopbrengst omdat zowel de bodemvruchtbaarheid, -kwaliteit en -productiviteit verbeteren. Biochar is een organische vorm van duurzaam bodembeheer die de efficiëntie van synthetische en organische meststoffen verhoogt, vooral in deze snel uitgeputte tropische bodems. Een hogere gewasopbrengst onder de kleine, arme boeren van Congo betekent een versterkte voedselzekerheid.
Door biochar aan nutriëntarme bodems toe te voegen doet men nog iets anders dan de vruchtbaarheid ervan verhogen: men creëert ook een permanente, stabiele en eenvoudig te meten vorm van koolstofopslag. Het koolstofrijke product oxideert slechts heel traag in bodems, in de loop van eeuwen en zelfs millennia. Door CO2 uit de atmosfeer te 'vangen' in landbouwresiduën en deze vervolgens om te zetten in een recalcitrante vorm van koolstof (biochar) die wordt opgeslagen in landbouwgronden, ontstaat dan ook een zeer efficiënte en economische vorm van koolstofcaptering en -sequestratie. Koolstofkredieten of andere vormen van compensatie zullen in de toekomst beschikbaar zijn voor deze inspanning, wat een nieuwe bron van inkomsten betekent voor de arme boeren. Tenslotte draagt het biochar-concept nog bij tot de oplossing van een ander serieus probleem onder de arme bevolking in de tropen: het gebrek aan toegang tot moderne, efficiënte en schone energie. De meeste gezinnen in Congo koken op en verwarmen zich aan houtvuurtjes. Deze traditionele vorm van energieverbruik legt druk op het woudbestand omdat ze gebaseerd is op de weinig efficiënte verbranding van hout. Dit proces draagt niet enkel bij tot de klimaatopwarming door de uitstoot van broeikasgassen, het veroorzaakt ook lokale luchtvervuiling – een ware 'killer in the kitchen' die volgens de Wereldgezondheidsorganisatie jaarlijks leidt tot de vroegtijdige dood van naar schatting 2 miljoen vrouwen en kinderen. Door naar een op biochar-gebaseerd systeem over te stappen wordt dit probleem aangepakt. De technologie die wordt ingezet is een combinatie van pyrolyse en gasificatie die zowel hernieuwbare electriciteit als biochar oplevert. Boeren krijgen dus toegang tot moderne, schone energie, terwijl de biochar in hun landbouwgronden wordt verwerkt en zo de tropische landbouw duurzamer en productiever maakt. Kortom, het biochar project zal helpen de honger-pandemie in Centraal-Afrika te bestrijden door de kern van het probleem, namelijk snelle bodemuitputting, bij de wortels aan te pakken; het zal de ontbossing tegengaan en de vernietiging van biodiversiteit vermijden; en het biedt een antwoord aan de energiecrisis bij arme gezinnen. Tenslotte draagt het project ook sterk bij tot de oplossing van het probleem van de klimaatverandering, omdat het niet enkel de uitstoot van nieuwe broeikasgassen vermijdt door de overgang naar een moderner energieconcept, maar omdat het ook een duurzame vorm van koolstofopslag voortbrengt. Het Congo Basin Forest Fund koos voor het project van ADAPEL en Biochar Fund omdat het zeer hoog scoorde op de stringente selectiecriteria: (1) de ontbossing in het Congobekken bestrijden op een economische en realistische wijze, (2) armoedebestrijding en verbetering van het lot van de lokale gemeenschappen, in het bijzonder de meest gemarginaliseerde groepen die in en rond het woud leven, (3) de capaciteit van lokale partners versterken (in dit geval de grassroots boerenorganisaties in Congo), (4) onze kennis vergroten van tropische wouden, ecosystemen en van de factoren die bijdragen aan hun verandering (in dit geval de studie van de werking van tropische bodems en traditionele landbouwsystemen), en (5) de presentatie van een sterk innovatief en creatief milieubeschermingsconcept. Gedurende de komende twee jaar zullen de partners het project uitvoeren in de regio rond Pimu, die bestaat uit een tiental dorpen aan de rand van het maagdelijke tropische regenwoud in de Evenaarsprovincie in Congo. De susbistentie-boeren die daar leven behoren tot de allerarmste mensen – zij overleven met minder dan 150 dollar per jaar en lijden onder permanente voedselonzekerheid. Tot vandaag zijn zij genoodzaakt woud te kappen om nieuw land vrij te maken nadat de voedingsstoffen uit hun landbouwgronden zijn uitgeput. Laurens Rademakers, directeur van het Biochar Fund, zegt: “We zijn verheugd met onze selectie door een belangrijke organisatie als het CBFF. Dit betekent dat ons concept wetenschappelijk robuust is en kan bijdragen aan de oplossing van met elkaar verbonden sociale, economische en ecologische problemen. Tegelijkertijd zorgt het voor de bescherming van een uniek ecosysteem dat van onschatbare waarde is voor de mensheid: de rijke wouden van Congo. We onderstrepen ook graag dat onze strategie innovatief is omdat ze mensen niet van hun land verjaagt of ze dwingt hun traditionele bezigheden op te geven, zoals dat in sommige conservatiestrategieën wel het geval is. In ons concept blijven boeren boeren.” Amede Daki Bopolo, directeur van ADAPEL, zegt: “De wouden van het Congobekken zijn prachtige ecosystemen die bewaard moeten blijven. Toekomstige generaties zullen op ons terugkijken om te zien hoe wij vandaag handelen en omgaan met deze bossen en de biodiversiteit die ze herbergen. Ons concept biedt alvast een pragmatische aanpak ter bescherming van tropische regenwouden, omdat wij naar deze ecosystemen kijken vanuit diverse perspectieven: de interactie tussen de pedosfeer, de biosfeer, de atmosfeer en de antroposfeer. Het Congolese woud biedt leven aan miljoenen mensen. Zij zijn het die de sleutel in handen hebben tot de bescherming en duurzame uitbating ervan. De bescherming van deze wouden is ook een vorm van sociale rechtvaardigheid, want de krachten van de moderniteit die leiden tot de vernietiging ervan marginaliseren ook hele groepen mensen. Ons project buigt deze krachten om en wendt ze aan ten voordele van de mens.” Dr Christoph Steiner, professor Biochemie en Bioraffinage aan de Universiteit van Georgia in de Verenigde Staten is de wetenschappelijke partner in het project. Hij zegt: “Vuur versnelt de koolstof-cyclus terwijl biochar deze cyclus vertraagt. Carbonisatie behoudt koolstof die anders als CO2 zou vrijkomen en in de atmosfeer terecht zou komen. De synergie tussen het behoud van bodemvruchtbaarheid en de zogenaamde 'slash-and-char'-techniek werd wellicht eerst ontwikkeld door de prehistorische bevolking van het Amazonebekken en pas recent herontdekt onder de naam “terra preta”. Dit nieuwe project dat focust op de bescherming van tropische bodems en van koolstof heractualiseert deze synergie en kan als model dienen. Het kan wereldwijd worden toegepast om de slash-and-burn-techniek te vervangen. Een voorwaarde voor de uitvoering ervan is echter dat de armste landeigenaren toegang krijgen tot de globale koolstofmarkten, wat de inzet vereist van organisaties als ADAPEL, Biochar Fund en het CBFF. De koolstofmarkt zou het gebruik aanmoedigen van biomassa-afval en landbouwresiduën voor de creatie van vormen van koolstofopslag op basis van biochar. Ze zou ook de middelen vrijmaken die nodig zijn om te investeren in bodemvruchtbaarheid en in de recuperatie van uitgeputte landbouwgronden. Dat zijn langetermijn-investeringen die de mensheid als geheel dienen.” ###
PERSDOSSIER Een persdossier in het Engels, met foto's, illustraties en geografische informatie vindt u hier: Een persdossier in het Frans, met foto's, illustraties en geografische informatie vindt u hier: Over de projectpartners: ADAPEL (Action pour le Développement de l'Agriculture et de la Pêche Avec Protection Environnementale de Likende) is een Congolese NGO met zetel in Kinshasa en actief in Pimu in de Evenaarsprovincie. De organisatie ontwikkelt innovatieve tropische land- en bosbouwsystemen die de allerarmsten ten goede komen. ADAPEL werd in 2003 opgericht en slaagt erin fondsen aan te trekken van 's werelds belangrijkste milieuorganisaties. Meer informatie: http://www.terresnoires.org Het Biochar Fund is een social-profit fonds dat ernaar streeft om landbouwsystemen met een lage en zelfs negatieve koolstofbalans te integreren in een ontwikkelingsconcept dat honger, armoede, klimaatverandering, energie-armoede en ontbossing kan tegengaan. De organisatie werd in 2008 opgericht door jonge wetenschappers uit de tropische landbouw, de bodemkunde, de sociale antropologie en de ontwikkelingseconomie. Het Biochar Fund heeft momenteel een pilootproject lopen in Kameroen, waaraan ongeveer 1500 arme boeren deelnemen. Het fonds is gebaseerd in Leuven, België. Meer informatie: http://www.biocharfund.org Dr. Christoph Steiner is een van de belangrijkste onderzoekers binnen de domeinen van koolstofcaptering en -opslag in landbouwgronden en van de ontwikkeling van bioenergie-technologieën die geïntegreerd zijn in tropische landbouwsystemen. Hij ontwikkelde het zogenaamde 'slash-and-char'-concept en biedt wetenschappelijk advies aan het hier voorgestelde project. Dr. Steiner verrichte veldwerk rond de productie en introductie van biochar in Europa, de V.S., Brazilië, Bolivië, Colombia, Ghana, Senegal, Indonesië en China. Hij dient als adviseur voor de UNCCD en streeft ernaar om de opslag van koolstof in bodems erkend te krijgen door de UNFCCC. Meer informatie: http://www.biochar.org Over het CBFF Het Congo Basin Forest Fund werd in Juni 2008 gelanceerd door de Britse en Noorse overheden. Het streeft ernaar transformatieve en innovatieve concepten te steunen die de capaciteit van de bevolkingen en overheden in de landen van het Congobekken kan versterken zodat zij hun tropische regenwouden beter kunnen beheren en beschermen. Het fonds onderstreept het belang van armoedebestrijding, behoud van biodiversiteit en de valorisatie van ecosysteemdiensten. Het CBFF verstrekt fondsen aan creatieve en pragmatische projecten en moedigt overheden, organisaties uit de civiele maatschappij, NGOs en privébedrijven aan om samen te werken. Initieel beschikt het fonds daarvoor over £100 miljoen. Meer informatie: http://www.cbf-fund.org De lijst met de 6 succesvolle projecten vindt u hier: http://www.cbf-fund.org/site_assets/downloads/pdf/projects_receiving_funding.pdf De volledige lijst met alle ingediende projectvoorstellen vindt u hier: http://www.cbf-fund.org/site_assets/downloads/pdf/CBFF_list_concepts_received_reviewed.pdf ### |
||||



Leuven - Kinshasa, 20 mei 2009 - Het Biochar Fund en zijn Congolese partner ADAPEL zijn verheugd u mee te delen dat hun project ter bescherming van de tropische regenwouden in Congo werd geselecteerd door het Congo Basin Forest Fund (CBFF). Meer dan 200 organisaties dienden een projectvoorstel in bij het CBFF, maar na een “zeer strenge selectieprocedure” werden er slechts zes weerhouden.
De introductie van biochar vertraagt ook het tempo van de zogenaamde 'slash-and-burn'-cyclus waarop deze boeren steunen. Omdat hun landbouwgronden zo arm zijn, zien zij zich immers genoodzaakt om de paar jaar woud te kappen op zoek naar nieuwe grond, nadat de voedingsstoffen uit de bodem zijn uitgeput. Door deze cyclus te vertragen via de toevoeging van biochar, kan de ontbossing sterk worden tegengegaan. Het project poogt het bestaande 'slash-and-char'-systeem om te buigen tot een 'slash-and-char'-concept. Dit zal niet enkel de bodemproductiviteit verhogen, het zal ook ongeveer 50% van de koolstof bewaren die anders als CO2 in de atmosfeer zou opgaan als gevolg van het verbranden van biomassa. 

